Mijn werkweek begon, om een understatement te gebruiken, rommelig. Personeelskrapte… kids terug van vakantie… improviseren geblazen. Maar ik had er zin in en maakte er het beste van met twee leerlingen voor wie het nogal wennen was, dat ze de enigen waren van de gebruikelijke twaalf, zonder hun gebruikelijke leerkracht op maandag. De sfeer was een beetje wiebelig met een leerling die wel wilde werken, en een andere die dat duidelijk niet wilde. Afgewisseld met enkele onrustige leerlingen uit andere klassen, die tijdelijk bij mij werden geplaatst. Een vreemde dag waar het de kunst werd om te weten wanneer je de teugels moet laten vieren.

De dag  werd nog vreemder, voor mij persoonlijk dan, toen ik in het begin van de middag een bericht kreeg via whatsapp. Niet gericht aan onderwijsassistent Michael maar aan de kunstenaar Hermanus, afkomstig van iemand voor wie ik al eens een opdracht had gemaakt. Al lezende, trok er een wenkbrauw omhoog. Een verzoek om na te willen denken over een tweede, nogal ongebruikelijke opdracht… ik bevestigde dat en vroeg, nieuwsgierig, over wat voor soort opdracht het ging.

En ongebruikelijk was het, nog geen vijf minuten na mijn ‘ja’. Het verzoek was er één waar veel collega artistiekelingen moeite mee hebben. De vraag was of ik een baby wilde tekenen… een baby uit de naaste omgeving van de opdrachtgever… die dood was geboren. Hier werd ik stil van en had heel even moeite om mijn aandacht bij mijn werk te houden maar ik kon me gelukkig snel herpakken en antwoordde dat ik er over na zou denken.

De vraag bleef in mijn achterhoofd spoken en na schooltijd besprak ik dit met enkele collega’s want ik heb weliswaar wel meer bijzondere opdrachten aangenomen in het verleden, maar deze spande toch wel de kroon. Persoonlijk zou ik geen beeld willen hebben, denk ik vanaf mijn luie bank, van een stilgeboorte van een kind waarvan ik de vader zou zijn… maar dacht ook: wie ben ik om te oordelen?

De foto’s die ik voor deze opdracht kreeg, waren ook geen makkelijke als voorbeeld. Net na de geboorte genomen met bloed en huidsmeer nog op het ongewassen, kleine gelaatje, maar wel met een bijna serene, vredige uitdrukking. Ik dacht aan de ouders en aan hoeveel foto’s ik zelf heb genomen tijdens de geboorte van mijn zoon. Dat zijn dierbare herinneringen, maar die van mij waren vrolijk, prachtig en nog steeds zeer dierbaar als ik ze zo nu en dan weer voorbij zie komen. Daarom had ik er moeite mee. Ik heb op level 57 inmiddels best wel wat dode dierbaren gezien maar heb er nooit een seconde over nagedacht om van die dierbaren een foto te maken.

Voor mij was het doorslaggevend, dat ik van al mijn dierbare overledenen, mooie herinneringen heb, zodat ik in staat ben om hen op een mooie, bijna vrolijke manier te herinneren. De ouders van dit stil geboren kind, hebben geen levende herinneringen. Daarom nam ik na veel wikken en wegen de opdracht aan. Het gaat geen ‘makkie’ worden maar als ik zo iets kan bijdragen om iets dierbaars te kunnen geven met mijn bekwaamheid, dan lijkt het me dat alleen maar iets moois.

Hermanus,

Driebergen, 24 februari 2026.